MOOIE DROOM
29.01.2025
Terwijl de wereld om mij heen doorgaat probeer ik langzaamaan weer mee te draaien. Maar mijn wereld voelt als één grote waas. Ik herken hem niet meer. Google foto’s geeft bijna dagelijks melding van herinneringen. Die zijn bijna allemaal van Jayden en van ons samen. Terwijl ik dan naar de foto’s en filmpjes kijk, voelt het alsof mijn leven met Jayden een mooie droom is geweest en ik nu wakker ben geworden in een eenzame realiteit.
Het voelt zo surreëel, als een waas, het leven van iemand anders. En toch was het mijn leven. Jayden is mijn kind. Het enige tastbare bewijs wat ik daarvan heb zijn de foto’s, video’s en zelfgemaakte cadeaus van hem die ik bewaarde. Ze staan om me heen, hebben plekjes in de woonkamer gekregen. Ik voel mijn verdriet als ik er naar kijk. Heimwee naar een geluk dat ik verloor. In mijn hart voel ik mijn liefde voor hem. Toch voelt het onwerkelijk. Alsof het nooit heeft bestaan, ik een compleet ander leven leidt dan dat ik jaren heb geloofd.
Inclusief zwangerschap was tien jaar zijn mama. Nu ben ik alleen. Alsof ik tien jaar terug ben gegaan in de tijd. Alleen wat ouder en doorleefd. Wanneer word ik wakker uit deze nachtmerrie? Of mag ik weer gaan dromen, terug naar het leven dat wij samen deelden? Ik weet niet hoe een coma voelt, dat heb ik nooit meegemaakt. Maar ik kan me zo voorstellen dat deze realiteit hetzelfde voelt als ontwaken uit een jarenlange coma. Ouder, doorleefder en geen besef meer van alles wat er om je heen gebeurt. Jaren binnen in jezelf geleefd, een werkelijkheid in een droomwereld geleefd. En dan wakker worden in een wereld die je niet meer kent. Zo ervaar ik mijn wereld nu. Ik ken hem niet meer. Ik herken mijn eigen leven niet meer. Hoe ben ik hier terecht gekomen?
Drie dagen geleden is de zorgunit van mijn zoon opgehaald. De tuin wordt nu opnieuw aangelegd en ingericht. Het voelt gek dat mijn woning stopt bij de achterdeur, daar liep het eerder door naar Jaydens kamer. En toch is het ook niet het grote lege gat wat ik verwacht had. Het moment waarop de unit over het dak gehesen werd en op de dieplader de straat uit reed was erg moeilijk. Een afscheid van het laatste stukje wat van hem was. Toch ben ik ook wel blij met de ruimte in de tuin terug. Hij wordt ook mooi aangelegd weer. Er valt weer veel meer licht in huis. En straks in de zomer kan ik gaan genieten van die heerlijke ruime buitenruimte. Al had ik liever dat de unit zou blijven staan. Het was een soort aandenken of bewijs van ons leven samen. Ik lag er regelmatig even op zijn bed de laatste maanden. Nu is in mijn woning aan fysieke ruimte nog maar weinig herinnering over aan Jayden. Het is mijn huis, mijn inrichting, mijn stijl. Er staan foto’s van Jayden en een altaartje. Zijn pet, vuurtorenverzameling en Trex kregen een eigen plek. Er staat een beeld van onze handen. Maar een plekje dat écht van hem was is er niet meer. Geen speelhoek, want hij kon al niet meer spelen toen we hier heen verhuisden. Niets in de badkamer, want daar kon hij niet komen in zijn rolstoel. Geen plekje aan de grote tafel meer, want daar heeft hij in dit huis nooit gezeten. De zorgunit was in deze woning de enige ruimte die echt alleen van hem was. En die is nu ook weg. In onze vorige woning hangen al die mooie herinneringen aan hem. Hier zijn die er niet. Dat was het huis waar hij opgroeide, waar we spelletjes speelden, samen aan tafel aten, hij ontbijtjes voor mij maakte op moederdag, waar we stoeiden op de bank. Dat was het huis waar hij zijn ruimte innam. Hier was dat alleen in zijn zorgunit.
Uit andere verhalen van lotgenoten hoor ik wel eens de zin “Er was een leven voor het overlijden en er is een leven na het overlijden”. Ik denk dat die zin precies vangt wat ik nu ervaar. Ik zit op dit moment in die overgangsfase ertussenin. In de lege ruimte tussen het leven voor zijn overlijden en het leven na zijn overlijden. Het leven ervoor is voorbij. Het leven erna moet nog vorm krijgen. Het is zo’n periode van stilstand en reflectie. Mijn brein weet dat het leven ervoor echt was. Mijn hart voelt dat het echt was. En toch voelt het als zo ver weg, dat ik het soms gewoon niet kan aanraken. Een realiteit die bestaat maar ik niet kan zien. Dat voelt extreem verwarrend. Het is een heen en weer beweging, een slingerbeweging. Tussen beseffen wat er is gebeurd, missen en verdriet aan de ene kant en verder leven aan de andere kant.
Morgen ga ik voor het eerst weer een uurtje werken. Ik heb mijn eigen rijschool die ik vijf jaar geleden met veel plezier heb opgebouwd. Een jaar geleden heb ik de “L” van mijn dak gehaald om volledig te gaan zorgen voor Jayden. Het is een eerste stap naar het leven zonder Jayden. Het voelt als de eerste stap uit de rouw weg. Ik heb zin om weer les te gaan geven en met mijn leerlingen te gaan werken. Tegelijkertijd zie ik er als een blok tegenop! Ik ben zo moe van het rouwen, dat ik me afvraag of het me überhaupt zal lukken om een uur lang m’n kop erbij te houden in de auto. Op pad met een leerling die voor het eerst achter het stuur kruipt is mentaal erg intensief. En het voelt ook alsof ik vanaf dat moment vorm ga geven aan mijn leven zonder Jayden. Dat beangstigt me. Het geeft me ook schuldgevoelens. Het geeft een gevoel van loslaten, ons leven samen écht gaan loslaten. Voor mijn gevoel moet ik blijven rouwen. Ik wil ook helemaal nog niet stoppen met rouwen. Ik stop ook helemaal niet met rouwen, dat weet ik verstandelijk heus wel. En toch wil dat gevoel nog niet echt meedoen met mijn verstand.
Terwijl de wereld om mij heen doorgaat probeer ik langzaamaan weer mee te draaien. Maar mijn wereld voelt als één grote waas. Ik herken hem niet meer. Google foto’s geeft bijna dagelijks melding van herinneringen. Die zijn bijna allemaal van Jayden en van ons samen. Terwijl ik dan naar de foto’s en filmpjes kijk, voelt het alsof mijn leven met Jayden een mooie droom is geweest en ik nu wakker ben geworden in een eenzame realiteit.
Het voelt zo surreëel, als een waas, het leven van iemand anders. En toch was het mijn leven. Jayden is mijn kind. Het enige tastbare bewijs wat ik daarvan heb zijn de foto’s, video’s en zelfgemaakte cadeaus van hem die ik bewaarde. Ze staan om me heen, hebben plekjes in de woonkamer gekregen. Ik voel mijn verdriet als ik er naar kijk. Heimwee naar een geluk dat ik verloor. In mijn hart voel ik mijn liefde voor hem. Toch voelt het onwerkelijk. Alsof het nooit heeft bestaan, ik een compleet ander leven leidt dan dat ik jaren heb geloofd.
Inclusief zwangerschap was tien jaar zijn mama. Nu ben ik alleen. Alsof ik tien jaar terug ben gegaan in de tijd. Alleen wat ouder en doorleefd. Wanneer word ik wakker uit deze nachtmerrie? Of mag ik weer gaan dromen, terug naar het leven dat wij samen deelden? Ik weet niet hoe een coma voelt, dat heb ik nooit meegemaakt. Maar ik kan me zo voorstellen dat deze realiteit hetzelfde voelt als ontwaken uit een jarenlange coma. Ouder, doorleefder en geen besef meer van alles wat er om je heen gebeurt. Jaren binnen in jezelf geleefd, een werkelijkheid in een droomwereld geleefd. En dan wakker worden in een wereld die je niet meer kent. Zo ervaar ik mijn wereld nu. Ik ken hem niet meer. Ik herken mijn eigen leven niet meer. Hoe ben ik hier terecht gekomen?
Drie dagen geleden is de zorgunit van mijn zoon opgehaald. De tuin wordt nu opnieuw aangelegd en ingericht. Het voelt gek dat mijn woning stopt bij de achterdeur, daar liep het eerder door naar Jaydens kamer. En toch is het ook niet het grote lege gat wat ik verwacht had. Het moment waarop de unit over het dak gehesen werd en op de dieplader de straat uit reed was erg moeilijk. Een afscheid van het laatste stukje wat van hem was. Toch ben ik ook wel blij met de ruimte in de tuin terug. Hij wordt ook mooi aangelegd weer. Er valt weer veel meer licht in huis. En straks in de zomer kan ik gaan genieten van die heerlijke ruime buitenruimte. Al had ik liever dat de unit zou blijven staan. Het was een soort aandenken of bewijs van ons leven samen. Ik lag er regelmatig even op zijn bed de laatste maanden. Nu is in mijn woning aan fysieke ruimte nog maar weinig herinnering over aan Jayden. Het is mijn huis, mijn inrichting, mijn stijl. Er staan foto’s van Jayden en een altaartje. Zijn pet, vuurtorenverzameling en Trex kregen een eigen plek. Er staat een beeld van onze handen. Maar een plekje dat écht van hem was is er niet meer. Geen speelhoek, want hij kon al niet meer spelen toen we hier heen verhuisden. Niets in de badkamer, want daar kon hij niet komen in zijn rolstoel. Geen plekje aan de grote tafel meer, want daar heeft hij in dit huis nooit gezeten. De zorgunit was in deze woning de enige ruimte die echt alleen van hem was. En die is nu ook weg. In onze vorige woning hangen al die mooie herinneringen aan hem. Hier zijn die er niet. Dat was het huis waar hij opgroeide, waar we spelletjes speelden, samen aan tafel aten, hij ontbijtjes voor mij maakte op moederdag, waar we stoeiden op de bank. Dat was het huis waar hij zijn ruimte innam. Hier was dat alleen in zijn zorgunit.
Uit andere verhalen van lotgenoten hoor ik wel eens de zin “Er was een leven voor het overlijden en er is een leven na het overlijden”. Ik denk dat die zin precies vangt wat ik nu ervaar. Ik zit op dit moment in die overgangsfase ertussenin. In de lege ruimte tussen het leven voor zijn overlijden en het leven na zijn overlijden. Het leven ervoor is voorbij. Het leven erna moet nog vorm krijgen. Het is zo’n periode van stilstand en reflectie. Mijn brein weet dat het leven ervoor echt was. Mijn hart voelt dat het echt was. En toch voelt het als zo ver weg, dat ik het soms gewoon niet kan aanraken. Een realiteit die bestaat maar ik niet kan zien. Dat voelt extreem verwarrend. Het is een heen en weer beweging, een slingerbeweging. Tussen beseffen wat er is gebeurd, missen en verdriet aan de ene kant en verder leven aan de andere kant.
Morgen ga ik voor het eerst weer een uurtje werken. Ik heb mijn eigen rijschool die ik vijf jaar geleden met veel plezier heb opgebouwd. Een jaar geleden heb ik de “L” van mijn dak gehaald om volledig te gaan zorgen voor Jayden. Het is een eerste stap naar het leven zonder Jayden. Het voelt als de eerste stap uit de rouw weg. Ik heb zin om weer les te gaan geven en met mijn leerlingen te gaan werken. Tegelijkertijd zie ik er als een blok tegenop! Ik ben zo moe van het rouwen, dat ik me afvraag of het me überhaupt zal lukken om een uur lang m’n kop erbij te houden in de auto. Op pad met een leerling die voor het eerst achter het stuur kruipt is mentaal erg intensief. En het voelt ook alsof ik vanaf dat moment vorm ga geven aan mijn leven zonder Jayden. Dat beangstigt me. Het geeft me ook schuldgevoelens. Het geeft een gevoel van loslaten, ons leven samen écht gaan loslaten. Voor mijn gevoel moet ik blijven rouwen. Ik wil ook helemaal nog niet stoppen met rouwen. Ik stop ook helemaal niet met rouwen, dat weet ik verstandelijk heus wel. En toch wil dat gevoel nog niet echt meedoen met mijn verstand.

