De feestdagen, jaar twee: tussen eenzaamheid, rouw en nieuw leven
Terugkomen met hoop, landen in gemis
Vorig jaar een jaar kwam ik vlak voor kerst, op 6 december, terug van mijn rouwreis naar Indonesië. Een reis waar ik vol goede moed van naar huis keerde, met zin om al mijn naasten weer te zien en samen te zijn met de kerst. Ondanks mijn verlies besloot ik de feestdagen geen treurdagen te laten zijn. Maar ik landde in eenzaamheid. Het was een periode waarin ik in en in voelde wat ik allemaal was verloren. Niet alleen mijn zoon, maar mijn hele leven. Mijn bedrijven lagen stil, mijn vaste vriendinnengroep was ik al kwijt voordat hij overleed en van de paar vrienden die ik over had gehouden, was er niemand die er aan gedacht had dat ik alleen zou zijn met de feestdagen, slechts drie maanden na het overlijden van mijn zoon. Mijn ouders, oom en tante wel, mijn familie. Maar van mijn vriendinnen niemand. En zelfs toen ik zelf maar aan vriendinnen vroeg of ik ergens welkom was, was er uiteindelijk maar één die plek voor me had. En ook op de eindejaarsborrel van mijn werk, was er maar één collega die tegen me durfde te spreken. De rest ging mij uit de weg. Niet wetende wat ze moesten zeggen, bang voor een zwaar gesprek, angst voor tranen, wat het maar was.
December vorig jaar was voor mij een tijd van diepe rouw. Diep voelen wat ik allemaal kwijt was geraakt en hoe alleen ik op de wereld stond. Toch kwam ik die dagen door, met het kleine beetje familie dat mij restte.
Rouw is besmettelijk
Maar dit jaar was ik beter voorbereid op kerst. Ik zorgde er tijdig voor dat ik plannen had, door op tijd actief mensen te vragen of ze samen iets wilden doen. Wederom moest ik degene zijn die het vraagt. Maar toch, ik was onder de pannen. Met mijn ouders, mijn oom en tante, een achterbuurvrouw die ik dit jaar leerde kennen en inmiddels een vriendin is en een goede vriend.
Maar op oudejaarsavond had ik mij nog niet voorbereid. Toch was er die goede vriend die aan me dacht en me uitnodigde bij zijn vrienden, waar hij heen zou gaan. Lief, fijn. Dus ik zou onder de pannen zijn. Om redenen gaat dat toch niet door, de gastvrouw wil niet één persoon extra in huis. Oftewel: last minute voor mij opzoek naar ‘Wat kan ik doen?’. Ik heb dit jaar een aardig netwerk opgebouwd weer, veel nieuwe contacten, wat ouden weer aangehaald, dus verwachtte ik weinig problemen eigenlijk. Niets blijkt minder waar… Iedereen die ik ken heeft verspreid elders plannen en overal is hetzelfde probleem: de gastvrouw/-heer wil niet meer personen in huis. Wat de F is er mis in de wereld denk ik dan?
In deze tijden mis ik mijn oude vriendinnengroep heel erg. Een groepje alleenstaande moeders, net als ik was. Wij deden alles samen, alles met de kinderen, alles zonder de kinderen. Feestdagen, vakanties, verjaardagen, alles werd samen gevierd. En sinds Jayden is overleden voel ik me als het zielige hoopje mens dat overal moet smeken om ergens bij te mogen zijn. Buiten de feestdagen om geen enkele problemen. Iedere week eet ik één of twee dagen samen met iemand, ga ik padellen met een clubje, ben ik minstens één avond van huis voor een borrel. Ik heb mijn sociale leven best redelijk heropgebouwd en genoeg contacten die ik vaak zie. Maar tijdens de feestdagen ………… Voel ik mij een zielig hoopje mens waar niemand op zit te wachten. Het is bijna alsof ik besmettelijk ben op deze dagen.
Het leven buiten december: opgebouwd, maar niet geheeld
Toch ook even een vrolijkere noot, want er gebeuren ook wel mooie dingen in mijn leven. Een langverwachte wens staat op uitkomen. De tweede kinderwens. Ik vertelde al eens over een co-ouderschap waar ik mee bezig was. En ik was daar ook al een heel eind in met de desbetreffende co-ouder. Ouderschapsplan zo goed als klaar, zijn DNA werd onderzocht op modificaties in het NPC-gen, bijna good to go zeg maar.
Maar het proces hiernaartoe met de betreffende co-ouder liep eigenlijk wel wat stroefjes. We zaten echt op één lijn, alleen structureel contact om de week was erg ingewikkeld van zijn kant. Druk, geen tijd, rouwproces van hem om zijn vader, er was altijd wel iets waardoor er vrijwel altijd 4 a 5 weken tussen onze afspraken zat. En daar begon ik toch erge twijfels over te krijgen. Want als een kindje er is, dan zal er ook tijd moeten zijn wanneer je een co-ouderschap aan gaat. En als dat nu al zo moeizaam gaat, in de 9 maanden dat wij inmiddels contact hadden, hoe dan straks?
Alleen op de badkamervloer
Een goede maand terug stortte ik emotioneel weer even flink in. Ik had een lang dieptepunt in oktober en november. Maanden waarin ik heel veel heb gerouwd, gevoeld, doorgewerkt. Een zielsregressie, een truffelceremonie, een griep, alles bovenop elkaar. Nadat ik een zomer heb gehad van veel afleiding, storten op werk wat veel energie gaf en mooie nieuwe ervaringen opdoen op reizen en vakanties. Teveel positieve energie, teveel afleiding, teveel onderdrukken van de rouw. Leidde tot een instorten in het najaar. En een dikke maand geleden kwam het eruit.
Daar zat ik, onderweg naar de douche. Badkamerdeur open, tranen begonnen al te stromen. Douche aan, badjas uit….. Tranen waren niet meer te stoppen. Mijn benen konden me niet meer dragen. Ik zakte op de grond en kon alleen nog maar huilen. Smeken om mijn kind terug, smeken om mijn moeder, smeken om vastgehouden te worden. Huilen, schreeuwen, boos zijn, machteloos voelen. “Ik wil mijn kind terug! Mama, ik wil mijn kind terug! ***(de nodige vloek en scheldwoorden)*** Ik wil mijn kind terug! Help me alsjeblieft, ik wil mijn kind terug!”
Maar ik was alleen. Er was niemand. Niemand die me hoorde, niemand die me opraapte, niemand die me vastpakte. Alleen met mezelf en mijn pijn. Zoals het altijd gaat. Want ik woon alleen en die rouw laat zich niet plannen op de momenten dat ik niet alleen ben. Ik ben er inmiddels aan gewend. Ik ben er ook niet meer bang voor om dat te voelen en alleen te zijn. Ik ken het. Ik weet door ervaring dat het weer af zakt na een tijdje. Dus ik laat het er zijn en geef me er helemaal aan over. Het enige dat helpt. Dus huil ik, schreeuw ik, smeek ik, vloek ik, scheld ik, huil ik. En houd ik mezelf vast. Totdat de golf weer afzakt en ik me langzaam beetje bij beetje weer van de grond af op kan tillen.
Mijn ziel wist het al
En toen de golf afzakte en ik mijzelf weer hervond, voelde ik maar één ding: ik wil geen kind met deze co-ouder. Ik wil het alleen doen. En nam ik het besluit om opzoek te gaan naar een donor, om bewust alleenstaande moeder te worden. Daar liet ik het bij. Een besluit. Verder hoefde die dag niets. Het besluit mocht landen. Ik voelde een rust bij dat besluit. Een zekerheid, een shift, een kracht. Ik trok mezelf overeind, stapte onder de douche en begon mijn dag.
Voordat Jayden overleed, en vlak erna ook nog, had ik al besloten dat ik mijn tweede kinderwens alleen zou gaan doen. In de rouwretraite hebben we er zelfs nog een spirituele oefening op losgelaten. Op lege blaadjes schreven we de verschillende opties om mijn kinderwens uit te laten komen: donor / co-couder / relatie. Die blaadjes legde Margo op de kop op de grond, zonder dat ik wist welk blad welke optie was. En met mijn ogen dicht ging ik op ieder blad staan, voelen. Op één van de drie kon ik stabiel blijven staan. Op de anderen had ik het gevoel dat ik er afgeduwd werd. En toen we die omdraaide stond er: donor. Mijn ziel wist al lang dat dat mijn pad was.
Angst is geen raadgever
Nadat ik dit besluit landde in mijn systeem, begon ik te beseffen dat mijn zoektocht in co-ouderschap uit angst in mijn rouw voortkwam. Angst om het alleen te doen. Angst om alleen te staan. Angst om alleen te zijn. Omdat ik zoveel al kwijt was geraakt. Al zoveel alleen moest dragen. Ik heb me zo vreselijk eenzaam gevoeld dit jaar. Al ben ik echt niet altijd alleen geweest. Deze rouw is nu eenmaal vreselijk eenzaam, omdat er niemand is die je begrijpt. Niemand die voelt wat je voelt. Enkel lotgenoten. Maar niet in je eigen kring. Ook niet de mensen die jouw kind kenden. Niemand voelt hetzelfde. En dat is logisch, want Jayden was mijn kind en niet dat van een ander. En gelukkig maar zijn er weinig mensen die weten wat het is om een kind te verliezen. Een kind dat nog een leven voor zich had. Je eigen bloed en vlees. Het mens waar je vanaf dag 1 tot het eind onvoorwaardelijke, grenzeloze, eindeloze, immense liefde voor hebt gevoeld. Het kind waar je hemel en aarde voor hebt bewogen, waarvoor je hebt gevochten als leeuw(in), waarvoor je alles hebt opgegeven. Daar is niets anders mee te vergelijken.
Maar angst kan geen raadgever zijn. Angst om het alleen te doen, kan niet de reden zijn om het met een co-ouder te willen. Jayden heb ik ook altijd alleen opgevoed, waarom zou ik dat niet nog eens kunnen? Ik héb een netwerk dat kan helpen. Ik héb vriendinnen, ouders, een oom en tante. Ik bén sterk genoeg. En ik wil niet de helft van zijn of haar leven moeten missen omdat het kind dan bij de vader is. Al vind ik het wel belangrijk dat mijn kind zijn of haar vader kent. Dus een donor die voor het kind bekend kan zijn. En waar contact mee kan zijn, zonder de opvoedende rol.
Ik heb het besluit de tijd gegeven om te landen. Om te voelen of het echt was wat ik wilde. En ik voelde niets anders dan een innerlijke rust, kracht en zin in de toekomst. Dus een week later hakte ik de knoop door. Het co-ouderschapstraject beëindigd en opzoek gegaan naar de donor. Opzoek en gevonden! Een wens die gaat uitkomen.
Kerst met een extra stoel aan tafel
Sluit ik deze blog af met een moment van verbinding tijdens kerst:
Eerste kerstdag, avond, gourmetten en pizzaretten bij mijn oom en tante. Met mijn neefje, nichtje en beste vriend. We spelen na het eten Hitster. Tijdens één van mijn speelbeurten krijg ik het nummer ‘Door de wind’ van Miss Montreal (of zoals Jayden haar gewoon noemde: Sanne). Jaydens favoriete liedje.
Tijdens de rouwretraite zei Margo tegen mij: “Volgend jaar kerst zit je met de liefde van je leven aan tafel”. Waarop ik reageerde: “Ik noemde Jayden altijd de liefde van mijn leven”. Niet de romantische liefde van mijn leven aan tafel, nee. Maar wel de échte liefde van mijn leven zat even bij ons aan tafel. Ik wist het vorig jaar al. Jayden wilde ook even meespelen.
Dankbaarheid met rafelranden
Waar 2025 tot zijn einde komt, blik ik terug. Ik voel me toch ook dankbaar voor dit jaar. Nee, geen uitzonderlijk vrolijk jaar. 2025 was zwaar, net als 2024. Rouw is niet mooi. Het is vreselijk. Maar ik leer hier wel heel veel uit. Liever ruil ik het weer in, heb ik Jayden terug bij mij, maar dat kan niet.
Ik kan alleen maar dankbaar zijn voor de weg die mijn rouw me heeft laten lopen. Dankbaar voor mijn eigen kracht om niet de afgrond in te storten, maar te werken met mijn rouw. Voor de lessen die ik er uit leer. Daar ben ik dankbaar voor.
Dankbaar voor het aankijken van mijn donker. Waardoor ik mezelf heb leren kennen. Waardoor ik heb geleerd waar mijn hart voor klopt. Waardoor ik weet waar het leven over gaat. Waar ik wil dat mijn leven over gaat. Waar ik heb geleerd wat échte verbinding is. En wat niet. Daar ben ik dankbaar voor.
Dankbaar voor de mensen die zijn gebleven. Dankbaar voor de nieuwe mensen die ik heb mogen ontmoeten. Dankbaar voor de mooie ervaringen die ik heb mogen ervaren. Dankbaar voor het mogen voelen van emoties. Dankbaar voor het vinden van mijn schrijfkracht. Dankbaar voor het vinden van mijn stem. Dankbaar voor jullie lezers. Daar ben ik dankbaar voor.
Mijn rouw neem ik mee 2026 in. Een nieuw jaar, nieuwe zaadjes die ik kan gaan planten, nieuwe wensen die hopelijk uit mogen komen. Nieuwe fasen in mijn rouwverwerking.
Én……. Een boek dat geschreven gaat worden!Ik wens jullie een gezond uiteinde, met warmte en nabijheid. En alle goeds voor 2026

